Onze Belijdenis.
XXXIX. Art. gc. «Voorts staan ook aan te merken de bijzondere ambten en werkingen dezer drie Personen t' ons waart. De Vader is genaamd onze Schepper door Zijne kracht; de Zoon is onze Zaligmaker en Verlosser door Zijn bloed; de Heilige Geest is onze Heiligmaker do ...
Onze Belijdenis.
LXIX. Daar was in den staat der rechtheid een band geweest tusschen God en den mensch. Die band was van 's menschen zijde door de zonde verbroken.Het z.g.n. verbond der werken was daarmede vernietigd. Niet van de zijde Gods, want de Heere blpt zich houden aa ...
Onze Belijdenis.
LXXVII. Zoo was dan 'tgene Hij stervende in de handen Zijns Vaders bevolen heeft een ware «menschelijke geest, die uit Zijn lichaam scheidde, maar hierentusschen bleef de Goddelijke natuur altijd vereenigd met de menschelijke, ook zelfs als Hij in het graf lag: en ...
Onze Belijdenis.
LXVI. Ook onder de belijders der Gereformeerde Confessie bestaat, wat het stuk van Gods eeuwige verkiezing betreft, eenig verschil van opvatting. Dat verschil raakt niet de reden waarom God Zijn volk heeft uitverkoren. Wat die oorzaak betreft toch staat al wie Gere ...
Onze Belijdenis.
LXX. De oorsprong van het wezen van hét verbond der genade ligt in het Paradijs. Dit geldt natuurlijk alléén van de openbaring daarvan in den tijd. Immers in den grond der zaak kan het verbond der genade niet losgedacht worden van de uitverkiezing. Wat het besluit ...
Onze Belijdenis.
LXXI. Nadat het werkverbond van 's menschen zijde verbroken was, heeft, het den Heere behaagd een nieuw verbond op te richten, n l. het verbond der genade. Dat nieuwe verbond is om daarin onderscheiden van het oude dat thans een Middelaar des Verbonds noodzakelijk ...
Onze Belijdenis.
LVI. Door de zonde is de dood in de wereld gekomen. De bezoldiging der zonde, zegt de apostel Paulus, is de dood. En die dood vangt niet eerst aan bij de scheiding van lichaam en ziel. Die scheiding is slechts de voortzetting van een proces dat reeds veel vroeger b ...
Onze Belijdenis.
LXXVI. Eenerzijds mogen de Goddelijke en de menschelijke naturen van den Middelaar niet vermengd, maar anderzijds mogen deze twee naturen ook niet van elkander gescheiden worden. We moeten alléén goed in het oog vatten dat daar onderscheid tusschen de twee naturen ...
Onze Belijdenis.
LXVII. De. Heere is barmhartig en die barmhartigheid blinkt zeker daarin het heerlijkst uit dat God van eeuwigbeid 'gedachten des vredes gehad heeft over een volk dat Hij voor eeuwig had kunnen laten yerloren gaan. Maar de Heere is niet alleen barmhartig, Hij is oo ...
Onze Belijdenis.
De artikelen over „Onze Belijdenis", die eenigen tijd onderbroken zijn geweest, hopen wij thans weer voort te zetten. Terwille van het verband dacht het ons goed weer aan het begin van artikel 20 te beginnen. LXXVIII. Is in devoorgaande artikelen gehandeld Ov ...